info@kwadrant-ia.nl

Reactie binnen 24u

+31 (0)33 299 60 57

Krijg direct antwoord

Jachtwagen 55

Navigeer naar

Bepaal het juiste koelvermogen voor uw schakelkast

Schakelkast koeling berekenen

De benodigde koeling van een schakelkast hangt af van warmtebelasting, omgevingstemperatuur, kastopbouw en gewenste binnentemperatuur. Kwadrant IA berekent en beoordeelt de warmtehuishouding van industriële schakelkasten als onderdeel van hardware engineering en paneelbouw.

Wanneer en waarom schakelkast koeling berekend wordt

Schakelkast koeling wordt berekend om te bepalen hoeveel warmte een kast moet afvoeren om betrouwbaar te blijven functioneren. Componenten zoals voedingen, frequentieregelaars, PLC’s, relais, softstarters, beveiligingen en industriële elektronica produceren tijdens bedrijf warmte. Als die warmte niet goed wordt afgevoerd, loopt de temperatuur in de kast op.

Een berekening is vooral belangrijk bij compacte kasten, hoge componentdichtheid, frequentieregelaars, gesloten behuizingen, hogere IP-klassen of warme productieomgevingen. Ook bij bestaande schakelkasten die later zijn uitgebreid, kan de oorspronkelijke warmtehuishouding niet meer passen bij de actuele belasting.

Kwadrant IA ziet een koelberekening niet als losse stap achteraf. De benodigde warmteafvoer hoort bij het kastontwerp. Daarom kijken we naar de componentdata, kastindeling, luchtcirculatie, IP-klasse, onderhoudbaarheid en de omgeving waarin de installatie moet functioneren.

Complete automatiseringsoplossingen

Wij realiseren besturingssystemen van ontwerp tot oplevering. Door engineering, paneelbouw, bekabeling en inbedrijfstelling te integreren, borgen wij kwaliteit, efficiëntie en internationale inzetbaarheid.

Welke factoren bepalen het benodigde koelvermogen?

Het koelvermogen van een schakelkast wordt bepaald door de balans tussen warmte die ontstaat, warmte die de kast zelf kan afvoeren en warmte die aanvullend moet worden afgevoerd. Een goede berekening begint dus niet bij de vraag welke ventilator of airco past, maar bij de thermische huishouding van de complete kast.

Belangrijke factoren zijn:

  • het gedissipeerd vermogen van componenten;
  • de gewenste binnentemperatuur en maximale omgevingstemperatuur;
  • het kastoppervlak, de kastopstelling en de IP-klasse;
  • de luchtcirculatie en gelijktijdigheid van componentbelasting;
  • omgevingsfactoren zoals stof, vocht, oliehoudende lucht en onderhoudbaarheid.

Deze factoren bepalen samen of passieve warmteafvoer voldoende is, of dat aanvullende schakelkast koeling nodig is met ventilatie, een warmtewisselaar, airco of koelaggregaat.

In de praktijk is dit zelden een standaardkeuze. Een compacte besturingskast met frequentieregelaars vraagt om een andere beoordeling dan een grotere verdeelkast met beperkte warmtelast. En een kast in een schone technische ruimte vraagt om een andere oplossing dan een IP65 kast in een stoffige of vochtige productieomgeving.

Techniek achter de berekening van schakelkast koeling

Warmtelast en gedissipeerd vermogen

De berekening begint bij de warmtelast in de kast. Iedere elektrische component zet een deel van de opgenomen energie om in warmte. Dit wordt ook wel gedissipeerd vermogen genoemd en wordt meestal uitgedrukt in Watt.

Typische warmtebronnen in een schakelkast zijn frequentieregelaars, voedingen, transformatoren, softstarters, vermogenscomponenten, industriële computers, netwerkapparatuur en beveiligingen. Vooral aandrijftechniek en vermogenselektronica kunnen een grote invloed hebben op de temperatuur in de kast.

Bij een goede warmtecalculatie wordt gekeken naar de datasheets en vermogensverliezen van componenten. Niet elk onderdeel draait continu op maximale belasting. Daarom is ook de gelijktijdigheid belangrijk: welke componenten zijn tegelijk actief, hoe lang draaien ze onder belasting en wat is de worst-case situatie?

Een veelgemaakte fout is dat de kastmaat leidend wordt gemaakt. Maar een grote kast met weinig warmteproducerende componenten kan thermisch eenvoudiger zijn dan een compacte kast met meerdere frequentieregelaars. De berekening begint dus bij wat er in de kast gebeurt, niet bij de buitenafmeting van de kast.

Een schakelkast kan warmte passief afgeven via de behuizing. Dat gebeurt via geleiding, convectie en straling. Hoeveel warmte op die manier kan worden afgevoerd, hangt af van het effectieve kastoppervlak, het materiaal van de behuizing en de manier waarop de kast is geplaatst.

Een vrijstaande kast kan warmte beter kwijt dan een kast die tegen een wand staat, in een rij is geplaatst of in een nis is ingebouwd. Ook de ruimte rondom de kast speelt mee. Als warme lucht niet goed kan wegstromen, neemt de natuurlijke warmteafgifte af.

In paneelbouw is dit een belangrijk praktisch punt. Op papier kan een kast voldoende oppervlak hebben, maar in de installatie kan dat anders uitpakken. Denk aan een kast die dicht tegen een machineframe staat, naast een warmtebron is geplaatst of nauwelijks vrije ruimte heeft aan de zijkanten.

Ook de IP-klasse beïnvloedt de mogelijkheden. Een kast met ventilatieopeningen kan eenvoudiger warmte afvoeren, maar is niet altijd geschikt in stoffige, vochtige of reinigbare omgevingen. Een gesloten kast beschermt componenten beter, maar houdt warmte ook makkelijker vast.

Daarom hoort de kastopstelling altijd onderdeel te zijn van de berekening. Niet alleen de afmetingen op papier tellen, maar ook de werkelijke montagepositie in de installatie.

Een van de belangrijkste onderdelen van de berekening is het verschil tussen de gewenste binnentemperatuur en de maximale omgevingstemperatuur. De binnentemperatuur moet passen bij de toegepaste componenten. PLC’s, voedingen, frequentieregelaars en andere elektronica hebben allemaal een temperatuurbereik waarbinnen ze betrouwbaar functioneren.

De omgevingstemperatuur bepaalt hoeveel warmte de kast nog kwijt kan. Staat de kast in een koele technische ruimte, dan is passieve warmteafvoer of ventilatie eerder voldoende. Staat de kast in een warme fabriekshal, buiten in de zon of naast proceswarmte, dan wordt de koelvraag groter.

Ventilatie werkt alleen goed wanneer de omgevingslucht koeler is dan de gewenste kasttemperatuur. Is de buitenlucht al te warm, dan verplaatst een ventilator vooral warme lucht. In dat geval is actieve koeling met een koelaggregaat of airco vaak noodzakelijk.

Ook temperatuurschommelingen zijn belangrijk. Een kast die overdag warm wordt en ’s nachts sterk afkoelt, kan gevoelig zijn voor condensatie. Dan gaat de berekening niet alleen over koelen, maar ook over vochtbeheersing, kastverwarming en afdichting. Meer hierover leest u op de pagina condens in schakelkast voorkomen.

Na het bepalen van de warmtelast volgt de keuze voor de juiste koeloplossing. Die keuze hangt af van de benodigde warmteafvoer, de omgeving en de eisen aan de schakelkast.

Bij een beperkte warmtelast en schone, koelere omgevingslucht kan ventilatie voldoende zijn. Een ventilator of filterventilator voert warme lucht af en brengt koelere lucht de kast in. Dit is relatief eenvoudig, maar vraagt wel om onderhoud aan filters en controle van de luchtstroom.

Wanneer kastlucht en buitenlucht gescheiden moeten blijven, kan een lucht/lucht-warmtewisselaar of lucht/water-warmtewisselaar een betere keuze zijn. Dat is vooral relevant in omgevingen met stof, vuil, vocht of oliehoudende lucht.

Bij hogere warmtelasten of hoge omgevingstemperaturen is een koelaggregaat of airco vaak nodig. Een koelaggregaat gebruikt een actief koelproces met compressor om warmte uit de kast af te voeren. Daarmee kan de binnentemperatuur worden verlaagd, ook wanneer ventilatie onvoldoende is.

Er bestaan ook specialistische oplossingen, zoals Peltier-elementen of Vortex-koeling. Die kunnen in specifieke toepassingen nuttig zijn, maar zijn niet automatisch de standaardkeuze voor industriële schakelkastkoeling. De juiste keuze hangt altijd af van warmtelast, omgeving, IP-klasse, onderhoud en bedrijfszekerheid.

Twijfelt u tussen ventilatie, warmtewisselaar of airco? Op de pagina airco vs ventilatie schakelkast leggen we uit wanneer welke oplossing passend is. Voor toepassingen waarbij actieve koeling nodig is, kan een cooling unit panel een passende oplossing zijn.

Waarom een vuistregel niet voldoende is

In de praktijk wordt soms gekozen op basis van ervaring of een eenvoudige vuistregel. Bijvoorbeeld: “we plaatsen een filterventilator” of “we kiezen een koelaggregaat met wat extra capaciteit”. Dat lijkt praktisch, maar kan technisch verkeerd uitpakken.

Te weinig koelvermogen leidt tot een te hoge kasttemperatuur, storingen en versnelde veroudering van componenten. Te veel koelvermogen is ook niet ideaal. Een overgedimensioneerde koeloplossing gebruikt onnodig energie, neemt ruimte in beslag en kan bij verkeerde regeling bijdragen aan condensproblemen.

Een vuistregel houdt vaak onvoldoende rekening met de werkelijke praktijk:

  • een kast kan later zijn uitgebreid met extra componenten;
  • een frequentieregelaar kan zwaarder worden belast dan oorspronkelijk voorzien;
  • filters kunnen vervuilen en de luchtstroom beperken;
  • de kast kan dichter bij een warmtebron staan dan op tekening zichtbaar is;
  • een hoge IP-klasse kan ventilatie beperken;
  • de omgevingstemperatuur kan in de zomer hoger zijn dan verwacht;
  • onderhoud aan ventilatoren of filters kan in de praktijk lastig bereikbaar zijn.

Juist in industriële installaties zijn dit geen details. De schakelkast is onderdeel van een machine, productielijn of procesinstallatie. Als de temperatuurhuishouding niet klopt, kan dat leiden tot storingen, stilstand en productiviteitsverlies.

Daarom is een technische beoordeling belangrijker dan een snelle inschatting. De koeloplossing moet passen bij de kast, de componenten, de omgeving en de betrouwbaarheid die het proces vraagt.

Van berekening naar praktisch kastontwerp

Een koelberekening is pas waardevol wanneer deze wordt vertaald naar een uitvoerbaar kastontwerp. Het berekende koelvermogen zegt hoeveel warmte moet worden afgevoerd, maar de praktijk bepaalt hoe dat het beste gebeurt.

Bij de vertaling naar paneelbouw kijken we onder andere naar de plaatsing van warmteproducerende componenten, de route van warme en koude luchtstromen, de positie van ventilatoren of koelunits en de bereikbaarheid voor onderhoud. Ook kabelgoten, montageplaten en componentafstand hebben invloed op de luchtcirculatie in de kast.

Vooral bij compacte besturingskasten is dit belangrijk. Een koelunit kan voldoende capaciteit hebben, maar als luchtstromen worden geblokkeerd of warmte zich ophoopt rond frequentieregelaars, blijft de kast thermisch kwetsbaar.

Daarom koppelt Kwadrant IA de berekening altijd aan de praktische uitvoering. De oplossing moet niet alleen kloppen in theorie, maar ook werken in de kast zoals die gebouwd, geplaatst en onderhouden wordt.

Hoe Kwadrant IA helpt bij het berekenen van schakelkast koeling

Bij Kwadrant IA benaderen we schakelkast koeling als onderdeel van het complete besturingssysteem. Het gaat niet alleen om het kiezen van een ventilator, warmtewisselaar of koelaggregaat. De koeloplossing moet passen bij de componenten, kastindeling, IP-klasse en praktijkomgeving.

We beoordelen onder andere de warmteontwikkeling van componenten, de kastopbouw, beschikbare ruimte, luchtcirculatie, maximale omgevingstemperatuur en eisen aan onderhoudbaarheid. Ook kijken we naar energieverbruik, toekomstige uitbreidingen en de manier waarop de kast in de installatie wordt geplaatst.

Bij nieuwe schakelkasten nemen we deze factoren direct mee in hardware engineering, EPLAN-ontwerp en paneelbouw. Bij bestaande kasten kunnen we beoordelen waarom de temperatuur oploopt en welke aanpassing technisch logisch is.

Kwadrant IA kan ondersteunen bij:

  • bepalen van de warmtelast in de schakelkast;
  • berekenen van benodigd koelvermogen;
  • beoordelen van kastoppervlak, opstelling en IP-klasse;
  • analyseren van componentindeling en luchtcirculatie;
  • keuze tussen passieve warmteafvoer, ventilatie, warmtewisselaar of actieve koeling;
  • integratie van ventilatoren, filters, airco’s of koelaggregaten;
  • voorkomen van condens- en onderhoudsproblemen;
  • realiseren van betrouwbare paneelbouw voor industriële toepassingen.

Wilt u zeker weten welk koelvermogen uw schakelkast nodig heeft? Kwadrant IA beoordeelt de warmtebelasting, kastopbouw en omgevingscondities en vertaalt dit naar een praktische koeloplossing.

Bespreek uw schakelkast met een specialist.

Start uw project met een technisch overleg

Wij denken graag mee vanaf de eerste ontwerpfase tot en met realisatie en inbedrijfstelling.

Contact formulier NL (#11)

Gerelateerde artikelen

Veelgestelde vragen over Schakelkast koeling berekenen

Het koelvermogen wordt bepaald op basis van de warmtelast van componenten, het kastoppervlak, de gewenste binnentemperatuur, de maximale omgevingstemperatuur en de kastopstelling. Ook IP-klasse, luchtcirculatie en omgevingsfactoren spelen mee.

Vooral frequentieregelaars, voedingen, transformatoren, softstarters, vermogenscomponenten, industriële computers en netwerkapparatuur produceren veel verlieswarmte. De exacte warmtelast hangt af van het type component en de belasting tijdens bedrijf.

Een ventilator is voldoende wanneer de warmtelast beperkt is en de omgevingslucht koeler en schoon genoeg is om warmte af te voeren. In stoffige, vochtige of warme omgevingen is ventilatie niet altijd geschikt.

Een koelaggregaat is nodig wanneer ventilatie of passieve warmteafvoer onvoldoende is. Dat speelt bijvoorbeeld bij hoge omgevingstemperaturen, gesloten kasten, hoge IP-eisen of hoge componentbelasting.

Een te grote koeloplossing gebruikt onnodig energie, neemt meer ruimte in en kan bij verkeerde toepassing bijdragen aan condensproblemen. De koeloplossing moet daarom passen bij de werkelijke warmtelast en bedrijfsomstandigheden.